Interview Arthur van Amerongen

Naar aanleiding van zijn populaire wekelijkse column Ik Arthur van Amerongen in de Volkskrant, waarvan er 150 onlangs in boekvorm zijn verschenen, alsmede een op handen zijnde roman genaamd “Vandalusia”, heb ik besloten Arthur van Amerongen aan de tand te voelen.
Voor feiten hebben we wikipedia dus dat is hier niet nodig. Voor bekvechterij is er Facebook, dus daar gaan we het ook niet over hebben. We gaan een diepte-interview doen.

Ik werd vanochtend wakker in de logeerkamer van een houten datsja in de Oost-Algarve. Arthur van Amerongen is al wakker, en zijn drie honden rennen enthousiast door de tuin. Ik zet mijn laptop op de ontbijttafel en bereid mijn vragen voor. Arthur zit achter zijn laptop tegenover me. Let’s begin.

Ambitie.

Een aantal dingen hadden anders kunnen lopen. Je had je journalistieke of academische carrière kunnen uitbouwen. Mensen denken bij ambitie altijd aan ladders en medailles. Je mag verlangen goed te zijn, maar waarin je goed bent wordt je opgelegd. Bestaat ambitie buiten de gebaande paden en maatschappelijke verwachtingen en hoe ziet die eruit?

Ik was vroeger wel ambitieus, maar nu niet meer. Ik heb mijn bescheiden doelen wel gehaald. Ambitie impliceert doelen halen. De journalistiek was voor mij echt Kuifje. Die Midden-Oosten studie heb ik eraan gekoppeld om altijd van werk verzekerd te zijn. Alleen Kuifje spelen is niet genoeg, ik had een academische graad nodig. Dus werd ik drs. in de Semitische Talen, met als specialiteit islamitisch fundamentalisme. Maar mijn doel was duidelijk: ik wilde gewoon over de hele aardkloot reizen, hoeren en snoeren “op kosten van de baas en in de tijd van de baas.”

Wat ambitie betreft: je bent zelf je enige vijand. Ik heb mijn verslavingen overwonnen. Wat uiteindelijk belangrijk is, dat ik om de zoveel tijd een fijn boek schrijft. En of het goed is, dat bepaal ik zelf wel. Je moet het voor jezelf doen of voor je oude moedertje, als die nog leeft. Maar misschien moet ik wel boeken voor honden gaan schrijven, een beetje dada: woef waf woef waf waf waf. En dat het omslag naar pens riekt.

Ik heb niet de ambitie om veel boeken te verkopen. Dat is ook gewoon een kwestie van geluk, dat een boek loopt. Kluun is dat overkomen. ik vind dat knap. Maar als je niet zo van de grillen van het lot afhankelijk wilt zijn kun je beter een stabiele column hebben, wekelijks een hoogtepunt in mijn insipide bestaan in bejaardenreservaat de Algarve.

Erkenning.

Wat koop je ervoor? Val je makkelijker in slaap als je weet dat je boek op menig gepolitoerd nachtkastje ligt? Lig je liever op je 65e (of 67e, de lulligste pensioenleeftijd) in je kist met de Nobelprijs, of op je 100e, maar dan door iedereen vergeten?

Ik heb flink wat prijzen gewonnen, heb een AKO-nominatie. Ik beheers de taal, aantoonbaar. Erkenning wordt overschat. Je bent sowieso na een paar jaar na je dood vergeten. Mulisch is na tien jaar ook vergeten. Had ie de Nobelprijs maar moeten winnen. Je moet niet de illusie hebben dat je voor de eeuwigheid schrijft. Dat had Mulisch wel, hij dacht dat hij over 100 jaar nog gelezen wordt. Dat is typisch Nederlands. Van dat geplande museum in zijn woonhuis kloppen de brandvoorschriften niet. Het mag niet van de brandweer. Wat voor legende ben je dan? Komt er een brandweerman, Jan uit de Kinkerstraat, die zegt “dat is allemaal te gevaarlijk met die grote stapels papier” en gaat het hele museum niet door.

Nooteboom denkt nu natuurlijk dat hij de beste schrijver van Nederland is. Zijn Nemesis is de Grote Drie, waar hij nooit bij hoorde, maar die zijn nu dood. Nu kan hij zijn frustratie compenseren.

 

Angst.

In een van je columns schrijf je over hypochondrie. In Nederland is het ‘in’ om kankerdagboeken bij te houden en hun laatste adem blaast men het liefst bij DWDD aan tafel uit. Mensen die vijftig worden krijgen door het journaille steevast de vraag naar hun kop geslingerd of ze bang zijn voor aftakeling en de dood. Zijn angsten de moeite waard om over te schrijven, en zo ja, welke?

Ik schrijf erover omdat mensen het herkennen. Fobieën zijn gewoon een goed onderwerp. Mensen hangen aan elkaar van de mysophobia en agoraphobia, smetvrees en pleinvrees. Dat zijn de oerfobieën. Je moet je wel bewust zijn van je angsten. Mijn enige echte angsten had ik vroeger, wanneer ik een delirium had. Een delirium komt gewoon met de drank mee, het is de kwade geest in de fles.

 

Column.

Is het een geil gevoel van macht als columnist van de Volkskrant? Te weten dat je mening er gewoon meer toe doet?

Papier is het belangrijkste medium. Men leest de Volkskrant van Zuid-Limburg tot Delfzijl. Ja, natuurlijk. Je schrijft niet voor de kat z’n kont.

Er is een mijnheer bij het NRC die campingtelevisie duidt voor de nette lezers die nooit naar SBS en RTL kijken. Die zet de televisie aan en zeikt dan Peter de Vries af, de Toppers, Mijnheer Cactus, Sylvana Simons en die homo van RTL Boulevard. Tsja. Bas Heyne vind ik goed maar hij heeft dezelfde misplaatste arrogantie als opa Hofland, zoals wij allen weten de “beste journalist van de vorige eeuw”. Waar ik een hekel aan heb is columnisten die voor de simpele lezer duiden wat er gebeurt in de wereld, met veel dédain. Dat is bijna feodaal, uit de tijd dat enkel monniken konden lezen.

Ik kan alleen mezelf duiden voor de lezer. Als de lezer daar behoefte aan heeft. Ik vind het leuker om verwarring te zaaien, dat doet een goede columnist. Ik wil niet eenduidig zijn. Een column moet goed geschreven zijn, dat is het enige. Rob Hoogland van de Telegraaf is verguisd omdat hij bij die krant zit maar ik vind hem de beste van Nederland. Hij schrijft geweldig, heeft 10.000 columns geschreven. Iedere werkdag weer een nieuwe. Het maakt mij niks uit of je rechts of links bent, als je dus maar goed schrijft. En als je per se een label wilt, noem me dan maar reactionair anarcho-liberaal. Schrijf dat maar op.

Vandalusia.

Zo heet je nieuwe roman. Wanneer komt hij uit en wat kunnen we in een Tweet verwachten?
De Joods-Nederlandse Aäron C. gaat een promotie-onderzoek doen over de convivencia, de vermeende vreedzame coëxistentie tussen moslims, joden en christen, onder het Moors bewind. Hij reist tussen de steden Toledo, Sevilla en Cordoba, en verzuipt uiteindelijk letterlijk en figuurlijk in het Spaanse nachtleven, met desastreuze gevolgen.  Vandalusia gaat over de naaktheid van het bestaan, over desillusie en de teloorgang van idealen, tegen het decor van het ineenstortend Avondland (oprukkende islam, de economische crisis in Spanje).

Social Media.

Je bent jarenlang correspondent geweest in Beirut en Jerusalem. Maar dat was voor de zogenaamde twitterrevolutie. Hoe denk je als iemand met 5000 Facebookvrienden over de macht van Social Media?
Als ik iets brul, wordt erop gereageerd. Het is altijd interactie. Het gaat om de kwantiteit van de reaguurders, aan zestien vrienden waaronder je twee broers in Appelscha, heb heb je niks. Ik geloof niet dat je met 30.000 handtekeningen voor een burgerpetitie iets kunt bereiken. Dat is allemaal illusie. De enige macht die je hebt als je tegen plofkip bent is AH te boycotten. Of als je de HEMA wil boycotten vanwege Zwarte Piet. Maar Israël merkt er niks van als een vieze kraker zijn avocado uit de I.S.I.S. betrekt en niet van het merk Carmel.

Islam.

Het is bekend dat je de islam een onzinnige religie vindt. Wat zeg je als ik kom aankakken met Avicenna en de islamitische Gouden Eeuw?
De Arabische filosofie, de wiskunde en algebra komen veelal van bekeerde Indiërs, joden etc.  De leuke dingen in de islam komen van het soefisme. Avicenna stond onder invloed van de Grieken en de Joodse filosofie. Zijn intellectuele prestaties hebben an sich niets met de Islam te maken. Ibn Khaldun, de eerste socioloog, was ook moslim, maar geen islamiet kent dat nog. Natuurlijk waren er grote geesten in de Kalifaten maar de meeste moslims doen er niks mee, die lezen überhaupt niet, zelfs niet de Koran. Spanje vertaalt meer boeken vanuit het Engels dan de hele Arabische wereld in 1001 jaar. Wanneer dit het geval is voor vertalingen Engels-Arabisch, kun je je voorstellen hoeveel er vanuit het Spaans, Frans, Russisch, Portugees, Chinees of Japans er in het Arabisch is vertaald. Niet alleen is 20% van de Arabische wereld ongeletterd, diegenen die wel kunnen lezen hebben een uiterst beperkte toegang tot de wereldliteratuur.

Het nieuwe boek Heretic van Ayaan Hirsi Ali is in maart verschenen in de VS. Ze zou milder zijn geworden en zich uitspreken voor hervorming in plaats van vernietiging van de Islam. Maar dat kan ook uit lijfsbehoud zijn, of pure tactiek. Die Amerikaanse uitgevers zijn ook niet gek. Ik heb er mijn vraagtekens bij.

Openhartigheid.

Je bent graag openhartig en recht voor zijn raap. Is er een verschil met exhibitionisme?
Exhibitionisme hoeft niet openhartig te zijn, en omgekeerd. Het zijn twee totaal verschillende dingen. Exhibitionisme kan totaal oppervlakkig zijn. Openhartigheid is dat niet, tenzij je niks te melden hebt.

Beledigen.

Je bent op een gegeven moment opgehouden met je “bazen” te beledigen. Omdat het zo slecht is voor het verdienmodel, of omdat je eigenlijk een gewoon hele lieve jongen bent?
Ik ben gewoon aardig. Maar ik kan geen gezag boven me dulden. Ik heb weerzin tegen autoriteit en tegen gezag, net als mijn moeder. Dat is me met de paplepel ingegeven. Je moet nergens respect voor hebben. Zelfs voor de duivel niet.

Nog meer beledigen.

Je hebt stof doen opwaaien met uitdrukkingen als het van Annabel Nanninga geleende dobberneger en je eigen vondst badkuiprace. Zijn er grenzen aan wat je kunt zeggen en hoe bewaken we die?
Die moet de wet maar bepalen. En als ik de wet overtreed, dan zie ik wel weer. Dan wordt het interessant om die wet te slopen. Als ik ergens een hekel aan heb is op m’n woorden letten. Je moet in een krantencolumn wel meer oppassen dan op een blog.

Vijanden.

Je hebt af en toe verbaal behoorlijk rake klappen uitgedeeld. Heb je er goede vijanden aan overgehouden of alleen zielige kwezels met lange tenen? Heb je vijanden nodig die ertoe doen of ben je die fase ontgroeid?
Ik wou dat ik vijanden had. Ik zou niet weten wie. Er zullen ongetwijfeld vijanden zijn maar die zijn zo onbelangrijk dat ik niet eens weet wie ze zijn. Ze kunnen zich melden bij Facebook. Als iemand mij blokkeert vanwege mijn geile schuttingtaal, kunnen ze dat het beste schriftelijk in tweevoud, op papier dus, naar mijn postadres in de Algarve sturen, anders merk ik dat niet. Dan kan ik in mijn administratie verwerken dat die en die mij heeft ontvolkt.

Troost.

Ik stel voor: het feit dat we zelf vrij kunnen beslissen om hier niet met een of ander kutcliché aan te komen. Eens?
Ik kan iets heel doms zeggen. Ik pareer dat met een andere filosofische tegel. Er zijn veel Nederlanders die zeggen
“Nou, mijnheer van Amerongen, u boft maar met altijd dat mooie weer.”
– “Ja, mevrouwtje. Ik ben er zelf naar toe gevlogen.”

Literatuur.

Kun je wat namen van favoriete schrijvers noemen? Dat is goed voor Google.

Heere Heeresma en L.H. Wiener, en A.L. Snijders, Maarten Biesheuvel, Arie Moonen, en last but not least Reve natuurlijk. En Bob den Uyl. En Johhny van Doorn moet er ook nog bij. En Bukowski en Burroughs mogen we niet vergeten. En uiteraard schrijvers als Henryk Sienkiewicz, Alexandre Farto, Sully Prudhomme, Bjørnstjerne Martinus Bjørnson, Henriette Horney, José Echegaray, Giosuè Carducci, Rudolf Christoph Eucken, John Hardon, Carl Gustaf Verner von Heidenstam, Carl Friedrich Georg Spitteler, Jacinto Benavente, Banana Yoshimoto, Wladyslaw Stanislaw Reymont, Grazia Deledda, Arsen Diklic, Erik Axel Karlfeldt, Frans Eemil Sillanpää, J. J. Fouqueau de Pussy, Halldór Kiljan Laxness, Ludwig von Baldass, en Albert Camus.

 

Muziek.

Noem eens een top vijf die je naar de keel grijpt?
Ai Gavoto van Amalia Rodriguez, Ik wil mijn Donald Ducky terug van Bob Bouwers, Alcohol van The Kinks, The needle and the damage done van Neil Young,  Je suis venu te dire que je m’en vais van Serge Gainsbourg, en die Mutter van Rammstein.

 

Cinema.

Je bent een groot filmliefhebber. Hoe zat dat met die videotheek waar Tarantino werkte?
Ik ben helemaal gevormd door film. Ik zat als kind altijd in de bioscoop. Ging op mijn zestiende naar Parijs en zag daar twintig films in een weekend. Nu kijk ik negen afleveringen Breaking Bad op een avond. Binge watching.
Tarantino werkte trouwens bij de Cultvideotheek bij de blauwe Brug in de buurt waar nu de Stopera staat, en in zo aan zijn inspiratie gekomen.

  1. True Romance is erg goed. Ook door Tarantino geschreven.
  2. Turks Fruit sowieso
  3. Deep Throat natuurlijk
  4. Alles van Russ Meyer
  5. Alles van Pim de la Parra en Wim Verstappen
  6. … en Emir Kusturica met de muziek van Goran Bregovic
  7. … en het gehele oeuvre van Bergman
  8. … en last but not least Werner Herzog

Tegenstellingen.

Het valt me op dat je binnen tien minuten totaal tegenstrijdige dingen kunt zeggen. Dan zijn we bij Nietzsche, en de “gelukkige schizo” Gerrit Komrij. Voel je je ook een gelukkige schizo?
Ik heb een springerige geest.

Humor.

In een van je columns schrijf je dat je het eerbetoon van een schrijver aan z’n moeder met rust moet laten. Zitten er grenzen aan wat je in het belachelijke kunt trekken, wie of wat je mag beledigen, (met die k. honden van je)?
Je mag alles beledigen, behalve m’n honden.

Ironie.

Vanuit de Algarve heb je genoeg ironische distantie tot Nederland. Is ironie de beste manier om de dingen die ertoe doen serieus te nemen? Ik heb de indruk dat het vaak mensen zonder enige zelfspot zijn die bedriegen en hun gezin kapot maken. Eens?
Ja. Vaak komen die uit Limburg.

Zelfspot.

hond
Kun je jezelf in het belachelijke trekken? Sommige Joden zijn daar heel goed in. Hoe zou je het liefst worden uitgescholden?
“Jij met je lelijke honden”

Valsheid.

Je bent zo direct dat je niet achterbaks kunt zijn, al zou je dat willen. Of zie ik dat verkeerd?
Dat zou je zo kunnen zeggen.

Sex.

Je schrijft dat sex overgewaardeerd is, omdat het soms zoveel gedoe oplevert. Ik wil de scoop hebben: heb je het weleens gedaan?
Alleen met m’n honden op zondagmorgen, maar daar zitten jouw hoogopgeleide lezers niet op te wachten.

Rukken.

Rechts of links?
Alleen met rechts en op maandagmorgen als ik m’n column teruglees in de Volkskrant met links.

hut
datsja van onze auteur in de Oost-Algarve

Roots.

Je bent déraciné, volkomen loskomen van Nederland, en niet van plan er ooit terug te keren. Tegelijkertijd sta je in de belangstelling in Nederland door die columns en je boeken. Heb je een roots-sentiment? Om het anders te stellen: zou het iets met je doen als Ede je als ereburger op een rode loper wil laten tippelen?
Nee. Maar ik wil wel een Arthur van Amerongensteeg in Ede, met een paar vieze hoeren en gore roofjunks erin. Dan ben ik ruimschoots tevreden.

Verslaving.

Ik weet niks van verslaving (voor mijn zuurstofverslaving weiger ik me te laten behandelen), en ken jou alleen als rustige sapdrinker. Ik kan veel suffe vragen over drugs en afkicken stellen en of dat nou moeilijk is, en of je er misschien ook een grapje over weet, maar daar heeft geen hond iets aan. Alle verslaving is des duivels, of niet? Of is er nog iets waar je verslaafd aan zou willen raken?
Aan Nobelprijzen.

Jeugd.

Wat kan ik jou over je moeilijke jeugd vragen zonder dat het een zeikvraag is, en wat is daarop uw antwoord? 
Ik ben niet verkracht door m’n vader…

Moeder.

Je had een moeder die je altijd steunde en trots was op alles wat je deed. Is dat aan te raden?
Ja. Dat is beter dan een moeder die de hoer speelt en je dronken voert en je verkracht als je twaalf bent. Maar dat is ook een leuk boek!

Vader.

Je bent twintig jaar ouder dan ik. Schiet je vanzelf in een vaderrol, voel je een behoefte? Je eigen vader was geen rolmodel. Typisch een onderwerp waar je lullige vragen over kunt stellen. Ik heb zelf een projectje waar ik mensen met dominante vaders (Kafka, Baudelaire) constrasteren met mensen met afwezige vaders, zoals Nietzsche. Mis je iets als je je vader niet hoeft te vermoorden? Is moed te gemakkelijk als je nooit “fuck you” tegen je pa hebt hoeven zeggen?

Ik heb geen enkele biologische drang. Als ik zinnig kan helpen met concrete adviezen zeg ik “ik zou het zo of zo doen”. Maar dat is vrijblijvende raad, niet uit een soort vaderlijk gevoel. Ik ben niet moralistisch, dus ik hoef niet bang te zijn dat ik in een vaderrol glip. Ik vind het wel leuk om advies te geven waar ik zelf iets van geleerd heb.

Vaderkinderen zijn vaak harder. Dan kun je maar beter je moeder neuken.

 

Verval.

Je hebt de aftakeling van je moeder meegemaakt, de tumoren en het sterven. Is dat beter voor een schrijver dan wanneer ze in een klap weg is door een verkeersongeluk? Ik bedoel niet of het rouwen dan makkelijker is, maar of je dan beter door kunt dringen tot de kern? Maakt verval je scherp?
Een lang sterfbed is beter. Dan kun je lange gesprekken voeren en alle zeer wegpraten. Dan kun je het schuldgevoel nog wegwerken.

Flattr this!

Geef een reactie