Recensie: sadà\exposadà – De zaal van baards

Een aantal langere citaten uit deze bundel, het vervolg op sadà\exposadà’s debuut de grote middag uit 2015 hebben me aangespoord tot een recensie. Dankzij digitale magie had ik het binnenwerk weldra op mijn scherm en kon ik aan de slag.

Ik heb tijdens de eerste lezing gespeurd naar een gebruiksaanwijzing. De bijgevoegde voetnoten zijn zakelijk en nuttig (zo zag ik het anagram usura-ez van Ezra Pound niet meteen en moest ik bij fecoliet, thoth, teresias, pneuma-hagion, ruah raa en LHOOQ naar het woordenboek grijpen en sommige referenties zouden me zijn ontgaan). De voetnoten steken wat mij betreft overigens juist de draak met pedanterie.

De vorm, bladspiegel, kleur van de gedichten is volledig vrij en er is geen touw aan vast te knopen. De bundel riep direct Ilja Leonard Pfeiffer’s stelling in herinnering, dat poëzie juist onbegrijpelijk moet blijven.

Onbegrijpelijke poëzie is altijd beter dan makkelijke poëzie

Sadà\exposadà is daar uitstekend in geslaagd.

De enige conventionele elementen die ik kon ontdekken zijn de opdracht

sandra,
liefde,
opgedragen

en het dankwoord, waarin ‘de’ vader wordt vermeld, ‘man van boeken en woorden én slapstick’. Sadà\exposadà werd op Facebook een ‘plezierdichter’ genoemd door iemand die het weten kan. Het lijkt me dus dat het niet de bedoeling is van de auteur om teveel te ‘graven’ en er een ‘Weltanschauung’ uit te destilleren die nóg compacter is dan De zaal van baards zelf. Een representatieve bladzijde is als volgt beschreven:

de maatval van de klok! een zaal!, schat zijn corpus —leg mij leg mij leg
mij —dageraad van de lul —oog uit oog,
een verstijlde lans voor in het domeingloren schaduw van ‘t draadgloren
slacht en roos en (roos bezien) en stoot. waag de handen kosmos
in het wonen van de botten. ver weg glanzend staan,
met de rijpste pijlen vol en zonbekranste ossen,
wel van maat, een schichtende rij,
weerszijden de spiegels in oprijzende hoeven,
de engelen.

Wat moeten we ermee? Je kunt zo’n bundel niet met normale middelen recenseren (exacter: dat levert weinig op, zie de recensie in Meander magazine die overigens wel wat achtergrondinformatie over Ezra Pound geeft).

Het is een sexbanket van zwerende, geërigeerde metaforen, de donderende echo van de Aleph (de titel van de laatste afdeling; ik had trouwens een voetnoot over Borges verwacht). Deze bundel construeert het gezang van wat na de mens kwam, het is taal die slechts verwant is met de onze door de gemeenschappelijke aanstoot-wortel Aleph. Wat moeten we doen om de bundel te lezen en ‘er wat mee te kunnen?’

Het antwoord is baards! Hardop stukken eruit lezen en de onstaafbare baardstaal aanleren, de metaforen, de verwijzingen en vooral de materialiteit van de klanken. Baards! Ik zet dus noodgedwongen voort in baardstaal.

baards is de hoornos lichtstijf hagha! hagha!
dreun-dreun-dreun-dreun de fallus tweekopt

hagha! hagha! hagha! op de maatval van de klok
spilt de os het dingkleed hoornt de fallus

baards spuughoornt usura-ez waagt het symptoom van verwijding in eeuwlift
engel-enkel spil van de weense trakl-mensch 

helena de zuilen van de os
met kut
de lichtplukkers

Sebastiaan

leg mij leg mij de sterren ontbergrad
besnijden de spil in het dingkleed want baards is

brandend! de puls kreupel gevierd
het bloed spilt thoth
en atropos gloort de klok

baards is een ringlichaam de schaduw in de kut
tiresias is glanslicht
in het zeil van de Nijl
lichtstijf uit gram opgewekt!

in den beginne was E. Coli
hemel’s gelaat de roos kleedt en spilt
ritme raakt aan, baards is aanraken de puls van de Nijl
stijving van genesis pijlen alles is symptoom is ademstoot

alle listplukkers zijn stijf, het sentrum van de natte kut
een opgehangen dode os in den beginne was
de zaal van baards waardend met de woeker van de O-O-O
atropos

baards baart in de puls van
dilatortaal een pijl,
puls lichtstijf
puls schichtend
puls twijg, symptoom
puls baards!


De zaal van baards! is in 2016 verschenen bij uitgeverij crU, Utrecht. Bestellen (24,95 Euro)

Geef een reactie